Auteursarchief: De Klaarheid

Boektitels als inspiratie

Een bekend idee met boektitels is om een stuk of 5 boeken met aansprekende titels op elkaar te leggen met de ruggen naar je toe en ze zo te rangschikken dat er een titelgedicht ontstaat. Hierbij kun je uiteraard meerdere mogelijkheden uitproberen en dit fotograferen zodat je de ‘beste’ uit de titelgedichten kunt kiezen.

Bijvoorbeeld:
toegift
een pad vol wilde bloemen
de brug naar de hemel
het regent geluk
alles of niets

Een andere mogelijkheid is onderstaande oefening.
Kijk rond – thuis of in de bibliotheek – en noteer 5 boektitels die je opvallen of waar je oog op valt.
Zet de timer op 5 minuten en schrijf het eerste wat in je opkomt n.a.v. de titels. Je hoeft niet alle titels te gebruiken.

Bijvoorbeeld:
Een pad vol wilde bloemen
Brug naar de hemel
Toegift
De tuimelvrouw
Alles of niets
De ruiter in het woud.

Alles of niets zegt de tuimelvrouw. Ze tuimelt van links naar rechts – vanuit het midden wat ze zoekt – maar nog niet kan vinden. Ze weet de weg – ze gaat over een pad vol wilde bloemen. De vogels bemoedigen haar. Een vlinder gaat haar voor. Maar ze tuimelt voor de brug naar de hemel. Verlangen ja. Ze heeft nog wat te doen. Al tuimelend vindt ze het midden tussen mogelijkheden – zoals alle levens tuimellevens zijn. Tuimelend tussen ego en liefde. En één kant wordt steeds zwaarder zodat ze overhellend naar rechts uiteindelijk bij de brug aankomt en haar leven gaat overzien. Ze is dankbaar. Aanvaardend. Ze laat de aarde los. Al de lessen van vergeving. Ze zegent haar kinderen en dierbaren. Bevrijd tuimelt ze de brug over – aan de hand van de liefde.

De dag vliegt voorbij

‘Zag je dat? Daar vloog de dag voorbij’.

Deze tip gaat over het voorbij vliegen van de tijd – zo maar – weer een dag voorbij gevlogen. Dat is niet erg – zeker niet – dagen gaan nu eenmaal voorbij.
Maar soms, als het een beetje pijn doet – dan denk ik dat ik mijn tijd niet heb besteed zoals ik graag zou willen. Dan ben ik aan het verspillen en mag ik mezelf zacht bij de hand pakken.

Dit is waar deze tip over gaat – over jezelf zacht bij de hand pakken in plaats van stevig bij de kraag of een schop onder je kont.

1* Wat zie jij als het tegendeel van tijd verspillen? Zet de timer op 5 minuten en schrijf.
Vat het geheel samen in een elfje.

2* Tijdverspillers zijn volgens mij dingen die je doet om jezelf af te leiden van wat belangrijk is voor je of die je doet om een bepaald gevoel niet te hoeven voelen of die je doet om een vervelende taak uit te stellen of . . . . . . Wat maakt dat jij af en toe je tijd verspilt?
Schrijf 10 regels.

3* Maak een lijst van 5 tijdverspillers die je hanteert.
Kies er een en schrijf daar 10 regels over. Kijk zonder oordeel. Wat maakt dat je het doet? Wil je ermee stoppen of minderen? Zo ja wanneer en hoe?

4* Beroemde uitspraak van Eleonor Roosevelt in de vorige eeuw:
“Yesterday is history, tomorrow a mystery. Today is a gift, that’s why we call it the present.”
Schrijf 10 regels. Wat doet dit met je? Ben je het ermee eens? Waar raakt dit?
Vat het geheel samen in een elfje.

Kwaliteiten en dialoog

De dialoog is een krachtige manier om diepere inzichten en overtuigingen naar boven te halen om vervolgens te laten corrigeren. De techniek van de dialoog wordt beschreven in KlaarHeden bladzijde 218 t/m 221.

1* Een kwaliteit is een mogelijke ingang tot een dialoog.
Schrijf twee rijtjes van kwaliteiten naast elkaar, aan de ene kant kwaliteiten die je als positief ervaart en ernaast die je als beperkend ervaart.

Bijvoorbeeld: enthousiasme, vertrouwen, aandacht aan de ene kant en arrogantie, minderwaardigheid en strengheid aan de andere kant.

2* Kies een van de kwaliteiten en vul de volgende zinnen aan:
. . . . . (kwaliteit) is voor mij als een . . . . omdat . . . .
. . . . . (kwaliteit) heeft de kleur van . . . . . en ruikt als . . . . . waardoor ik . . . . .
Maar bovenal heeft . . . . . (kwaliteit) . . . .

Herhaal met een andere kwaliteit. 

Bijvoorbeeld: Vertrouwen is voor mij als een fladderende veer omdat het licht is maar wel sterk. Vertrouwen heeft de kleur van bergkristal en ruikt als schoon wasgoed in de buitenlucht waardoor ik een warm verlangen voel in mijn hart. Maar bovenal heeft vertrouwen een diepe scheppende kracht om het leven te laten zijn zoals Liefde het heeft bedoeld.

3* Kies dan een kwaliteit die je op dit moment het meest beperkt of juist het meest inspireert en schrijf hier een dialoog mee. Het kan dezelfde kwaliteit zijn als bij 2* of een andere. Vergeet niet de kwaliteit te erkennen en te vragen naar het doel voor jou. Dus pak twee pennen met verschillende kleuren inkt, zet de timer op 20 minuten en begin.

Bijvoorbeeld – een dialoog uit begin 2010. We zochten toen naar een huis meer in de natuur.
Hé stem die zegt dat ik het niet waard ben om in een fijn huis in een liefdevolle stille omgeving te wonen. Wat is je naam?
Noem mij maar waardeloos. Maar weet je, op het moment dat je begon te schrijven voelde ik al meteen twijfel. Klopt het nog wel wat ik vind?
Zullen we daar eens naar kijken. Je hebt vast goede redenen gehad om dit zo te vinden.
Oh, dank je. Erkenning doet me goed. Ik heb geleerd dat ik niets waard ben en niks te willen heb. Mag niet. Mag niet. Ik zou mezelf wel graag willen bevrijden dan hoef ik jou niet meer zo tegen te houden.
Wat was je doel dan? Waartegen wou je me beschermen?
Naast je schoenen lopen. En teleurstellingen.
Oh ja. Dank je. Ik begrijp je. Is er nog meer?
Naast je schoenen lopen is heel erg. Erger dan minderwaardigheid. Dat laatste staat bescheiden.
Ja, zo hebben we dat geleerd in deze cultuur. Maar meer- en minderwaardigheid zijn twee kanten van dezelfde medaille. Kun je dat begrijpen?
Ik kan het aanvoelen.
Ware bescheidenheid is iets heel anders.
Ook dat kan ik aanvoelen. Het kan soms getuigen van meerwaardigheid als je je zo nodig minderwaardig wil voelen. Blijft over de teleurstelling. Daar ben ik wel een effectief middel tegen.
Ik heb het gevoel dat ik ook teleurgesteld ben als ik me tegen laat houden door jou. Ik hoop dat je dat begrijpt. Er schuilt niet iets groots in. Toch dank ik je voor je goede bedoelingen. Het mag nu anders, vrijer, voor jou en mij.
Ja graag.
Ik vraag nu aan onze innerlijke Gids om leiding. Doe je mee?
Ja.

4* Geef na het schijven van de dialoog in een paar woorden weer hoe je je nu voelt. En in een paar zinnen wat je hebt gezien, geleerd naar aanleiding van deze dialoog.

Het werk en het meisje

Waarschijnlijk een ongelooflijk ouderwetse uitspraak: ‘Het werk gaat voor het meisje’.
Als kind hoorde ik mijn vader dit vaak zeggen. Hij paste dit waarschijnlijk ook toe en het hield hem op de been. Mij gaf het een strak-moeten-gevoel. Veel later bedacht ik me dat ik het ‘meisje’ IN het werk wil brengen. Maar wat is het meisje eigenlijk? En het werk?

Deze zomer zal er voor velen vakantie zijn. Maar zelfs tijdens de vakantie moeten er dingen worden gedaan. Al is het maar boodschappen doen, iets aanvegen of iets (af)wassen.
Op de camping kan een wasje doen in het gebouw dat hiervoor is gemaakt een welkome afwisseling zijn. Een moment van aandacht, verkoeling, contact, stilheid of juist rumoer.

Dus het is een kwestie van VORM en INHOUD – in de vorm zullen we moeten ‘doen’, zolang we in deze duale wereld lijken te leven – maar hoe zit het met de inhoud? Laten we ernaar kijken.
Het zal voor ieder net weer even anders zijn, verschillende accenten, maar ten diepste verwacht ik dat we allemaal op hetzelfde uitkomen.

Hoe is dat voor jou? De volgende schrijfoefening kan meer duidelijkheid geven.

Eerst ‘het meisje’

Lees de volgende vragen en mijmer dan 10 minuten schrijvend over wat het ‘meisje’ specifiek voor jou betekent.

Herinner je je dat je
– een keer zo lekker aan het werk was dat de tijd vloog?
– ergens tegenop zag maar dat het later erg meeviel?
– je zachte aandacht ergens gemakkelijk bij kon houden?
– geraakt werd door schoonheid?
– voelde dat iets echt gedaan moest worden, met aandacht en wel nu?
– hebt gemerkt dat je blij werd van opruimen of schoonmaken?
– hart warm en ruim aanvoelde bij het doen van iets of het maken van iets?
– ineens wist wat het betekent om je hart te volgen?
– samen werkte en dat het stroomde?
– in stilheid en zachtheid meer bereikte dan met tegenzin?
– eenvoudig je tegenzin opzij kon zetten?
– blij besloot die dag eens (een paar uur) niets te doen?
– onverwacht een inzicht kreeg nadat je om hulp had gevraagd aan je innerlijke Gids, wellicht al een tijdje geleden?
– een sfeer van zachtheid om je heen en in jezelf voelde?

Dan het werk
1* Maak een lijstje van 10 kleine en/of grote karwijtjes die je deze zomer wilt doen. Noteer de items onder elkaar met een paar regels ruimte ertussen voor de volgende opdracht.

2* Noteer bij elk item (in een andere kleur) in een paar trefwoorden hoe het voelt. Zie je ertegenop of niet? Waar doet het je aan denken? Doe je het alleen? Is er hulp noodzakelijk of gewenst? Wil je het aan iemand vertellen? Zijn er afspraken nodig? Wat zou het beste moment zijn? Hoeveel tijd verwacht je dat het van je vraagt?

3* Kies een karwij(tje). Zet dan de timer op 10 minuten en schrijf in een stuk door al mijmerend hoe je hier meer ‘meisje’ in kunt brengen.

4* Rond af met een rondeel.

Rondeel
Bij deze dichtvorm hoef je geen woorden of lettergrepen te tellen. Dat is vrij.
Het Rondeel bestaat uit 8 regels waarin regel 1 en 2 worden herhaald.
Het schema is: 1=1, 2=2, 3=3, 4=1, 5=5, 6=6, 7=2, 8=1.
Een Rondeel wint aan kracht als je de regels kort houdt, zonder overbodige woorden.
Schrijf dus eerst zoals het in je opkomt en schrap daarna zo nodig.
Het werkt fijn om eerst de regelnummers te noteren, de eerste 3 regels te schrijven en dan de herhalingen direct in het gedicht te schrijven, zodat daarna nieuwe regels er tussendoor gevlochten kunnen worden. De herhalingen maken het tot een krachtig gedicht.

 

Oude dagboeken

Mijn eerste dagboek uit 1965

Een paar zomers geleden ben ik begonnen ze te lezen om vervolgens weg te doen, een voor een! Ik ben nu aangekomen bij dagboek nummer 34. En ondertussen schrijf ik in dagboek nummer 72 : )
De boeken tot en met 32 zijn ondertussen verbrand.
Ik ben van plan om de laatste 7 jaar te bewaren, dus ieder jaar zou er een ‘jaar’ weg gedaan kunnen worden.

Bladzijden die ik wil bewaren scheur ik eruit en doe ik in een mapje om later nog eens naar te kijken.
Ik heb ook enkele bladzijden weggegeven aan iemand die een zeer grote rol in mijn leven speelde. De tekst op die bladzijden ging volledig over mijn liefde voor hem. Dat was goed om te doen, vooral omdat hij ze wou ontvangen.

Behalve dat ik enkele bladzijden bewaar, schrijf ik over wat ik in die oude dagboeken lees.
Want mijn beeld over hoe het vroeger was verandert door te lezen. Het is niet zo dat ik vroeger helemaal niet zo wijs was en nu wel. Het gaat echt om een langzame verschuiving die nooit eindigt. Als ik dingen deed of dacht die ik nu niet als wijs zou bestempelen, zie ik dat ik me eenvoudig vergiste, meer niet. Zoals ik me nu nog vaak vergis. Ik zat ‘ernaast’ zoals ik er nu nog vaak ernaast zit als ik geloof dat ik me zou kúnnen afscheiden van God. Een suffe vergissing!

Het is een zoektocht geweest naar HOE te leven, naar een fundament, een theoretische en vooral praktische basis, die ik in veel verschillende richtingen min of meer vond. Met nu vanaf 2013 de kroon op het geheel: Een cursus in wonderen.

Ik heb me een paar dagen teruggetrokken in Drenthe en daar gelezen in dagboeken van 2010.
Enkele citaten uit mijn boeken van 2010:
‘Als ik mijn oordeel eraf haal, blijft eenvoudig over wat IS. Kijk maar.’
En
‘Laat ik teleurstellingen zien als vóór mij en mijn leerproces, in plaats van tegen mij.’
En
‘Vervuld raken van liefde is voelbaar als warme zachte veertjes om me heen.’
En
‘Vanuit welke motivatie doe ik iets?’
En
‘De enige plaats waar God ervaren kan worden als persoonlijk is ín jezelf. We zijn veel groter dan we denken en willen geloven.’

Deze pareltjes vond ik zomaar tussen geworstel en zoeken en vervulling.
2010 was voor mij een jaar met grote veranderingen: geboorte eerste kleinzoon en verhuizing vanuit Woerden naar Eck en Wiel.

Wat doe jij met je dagboeken?
Lees eens een paar bladzijden (of meer) terug en vul de volgende zinnen aan tot 5 á 10 regels:
– Het valt me op dat . . . . .
– Ik probeerde toen . . . . .
– Bijzonder dat ik . . . . .
– Kwaliteiten die ik toen inzette . . . . .
– Ik hoop . . . . .
– Ik hoop niet . . . . .
– Samengevat . . . . .

De Elf

IMG_4980Een elf heet een elf omdat het bestaat uit elf woorden.
Met een elfje schrijf je als vanzelf de essentie.

Gebruik van de elf:
– Als samenvatting, bijvoorbeeld van een tekst. In dat geval kies je een woord uit je tekst, bijvoorbeeld het woord waar je oog op valt of een woord dat eruit schittert, en gebruik je dat woord als nummer 1.
– Laat aan het eind van de dag een woord in je opkomen wat kenmerkend is voor die dag als 1e woord voor een elf.
– Als voorbereiding. Kies dan als eerste woord een trefwoord dat aangeeft wat je gaat doen. Bijvoorbeeld je gesprekspartner, operatie, vakantie, voordracht, cursus of een agendapunt van de vergadering. Als dit iets groots is waar je lang tegenaan kijkt, kan het nodig zijn iedere dag, of vaker, een elf te schrijven.
– Om te schrijven waar je dankbaar voor bent. Bijvoorbeeld gedurende 5 dagen aan het eind van de dag een elf over wat die dag reden gaf voor dankbaarheid. Ik heb dit eens een paar weken gedaan, al in bed nog even een elf. Daarna heb ik geëvalueerd door alle elfen nog eens door te lezen en een spiegelelf te schrijven. Probeer het eens. Je dankbaarheid zal groeien.

Een elfje is zo klein dat het in een hoekje van je agenda past of op een bonnetje in je portemonnee of een bierviltje of . . . . . . .
Je kunt losse woorden schrijven of zinnetjes, één lange zin of meer, alles mag, als je maar onderstaand schema aanhoudt.
Het eerste woord mag hetzelfde zijn als het laatste maar dat hoeft niet.
De nummering hieronder geeft het aantal woorden op die regel aan.

Laat het elfje in je opkomen, probeer het niet te bedenken. Breng je aandacht in je lichaam, je hart, je buik en luister. Wellicht is het even oefenen en wennen –> er zullen je woorden gegeven worden.  

Elfje:

1 . . . . . . . . . . . . .
2 . . . . . . . . . . . . .       . . . . . . . . . . . . .
3 . . . . . . . . . . . . .     . . . . . . . . . . . .       . . . . . . . . . . .
4- . . . . . . . . . .         . . . . . . . . . . .         . . . . . . . . . .         . . . . . . . . .
1 . . . . . . . . . . . . . . .

Bijvoorbeeld:

glimlach
naar al
je malle emoties
ze zijn in je
voel!

Soms kan het achter elkaar schrijven van de middelste woorden van de regels met een oneven aantal woorden, weer een nieuwe impuls geven.
In dit voorbeeld: glimlach malle, voel!

(29/10-13)
eb
laat maar
even zo zijn
het is niet erg
voorbij.

Middelste woorden: eb zo voorbij
Nog een voorbeeld tijdens een schrijfcafé: (15/12-14)

Opmerkelijk
hoe leuk
schrijven over niets
of toch wel iets?
Verrassend.

Gebruik elfjes ook voor je nieuwjaarskaarten.

yes
nieuw jaar
wat een kansen
laat ons zijn met
zin

Hier zijn de middelste woorden: yes een zin.

Ik ken iemand die voor een verjaardag van een vriendin en heel boekje heeft gemaakt met elfjes. Ze beschrijft daarin welke dierbare herinneringen ze heeft aan het samenzijn met die vriendin.

* Als je nog meer wilt schrijven kun je er een dubbele elf van maken: Neem het laatste woord van de eerste elf, als eerste woord voor de tweede en spiegel de opbouw, dus1,4,3,2,1, woorden onder elkaar. Zo ontstaat een spiegelelf.

erkennen
licht, lachend
naar diepe diepte
intense schoonheid treft me
ik

ik
geef antwoord aan leven
leven vraagt me
groot te
zijn

Dus alleen het laatste woord van de 1e elf wordt in de 2e herhaald. De rest komt weer in je op.

 

 

 

Dagritme

Bij het opruimen van een la kwam ik een vermelding tegen van een boek. Jaren bewaard om ooit eens te kopen en te lezen: Leven met de Beminde van Agnes Holvast. Een jonge vrouw die 9 jaar in een besloten klooster heeft geleefd.

Fascinerend! Als kind wou ik absoluut non worden. Het is er nooit van gekomen, maar het verlangen blijkt nog levendig aanwezig. Ik zou mijn naam eer aan hebben gedaan – Agnes Holvast trad in in een Clarisse klooster! in Megen.

Ook nonnen werken 6 uur per dag. Vier uur in de ochtend en twee uur ’s middags. Het verschil met mij en ons is dat het dagritme zo vast en duidelijk is. Juist dat dagritme raakt een snaar bij me. De ochtend is voor mij al jaren ‘in orde’. Ik sta tussen 5 en 6 uur op en besteed tot 8.00 uur de tijd aan schrijven, studie en meditatie. De Clarisse zusters staan om 5 uur op, vriendelijk gewekt door de abdis die met een belletje over de gang loopt. Prompt heb ik de daglichtwekker op 5.15 uur gezet, zodat ik een zachte dageraad me wekt. Maar meestal ben ik al wakker.

Nonnen mediteren twee keer een uur per dag. Verder zijn er nog diensten waarbij teksten worden gelezen en gezongen. Ze werken in stilte. Ook de maaltijden zijn in stilte, tenzij er bezoek is. Er is een recreatietijd. De schrijfster van het boek had moeite met die recreatie tijd omdat het haar uit de stilte haalde. De oudere nonnen niet, zij waren verzonken in de stilte en konden best een potje kaarten, vals spelen en lachen, zonder daardoor de innerlijke rust te verlaten.

Mijn verlangen om meer tijd te nemen voor stilte en studie werd diep geraakt. Als ik niet oplet komt er na de ochtend niets meer van een moment van aandacht. Nu ben ik aan het experimenteren met een relatief vast dagritme. Ik probeer rond de lunch en het avondeten tijd te nemen, maar het is geen wet zoals in het klooster. Hier wordt geen klok geluid waarbij ik mijn werk meteen uit handen laat vallen. Maar wie weet, er zijn natuurlijk wekkers genoeg.

Het geeft structuur aan de dag. Kijken hoe ik een kloosterleven kan benaderen, terwijl ik blijf waar ik ben, in mijn relatie en met mijn (klein)kinderen en alle andere contacten? Ik ervaar hoe heerlijk het is om weinig af te spreken en meer met de dag te leven.

In het klooster is er om 20.30 uur een tot de verbeelding sprekende afsluiting van de dag, samen. Heerlijk lijkt me dat. En daarna het zogenaamde silentium tot de volgende morgen. Ik mijd al jaren avondactiviteiten. Logisch als je graag vroeg opstaat en in de avond stil wil zijn.

Hoe is het me jouw dagritme? Voel je ook een snaar geraakt als je leest over de structuur in een klooster? Ga je ook nadenken over een ritme dat bij jou past? Een dragend fundament?