* Beeld van God

Bij het teruglezen van mijn dagboeken kwam ik het volgende fragment tegen:

21/5-2010
God handelt niet voor mij, maar door mij. God gaat het niet voor me doen. God zorgt er ook niet voor dat het mislukt. God is in mij en ik kan het stralen hiervan tegenhouden of toestaan. God heeft alle mensen uitgenodigd, ook mij. Er is een mooie taak voor me weggelegd. Ja – ik wil. Ik hoef niet te forceren. Werken is goed, maar het mag in zachtheid.

In 2010 had ik Een cursus in wonderen nog niet gevonden. Toch klopt dit fragment al aardig met wat de Cursus zegt.
God is louter Liefde en deze liefde staalt in ieders denkgeest (mind) in de ‘vorm’ van de Stem namens God, de Heilige Geest.

Hoe is het met jouw beeld van God? Hoe is dat beeld veranderd in de loop van de tijd?
Het kan goed zijn dat God als een pedagogisch middel werd gebruikt om je op te voeden, om een ‘goed’ mens van je te maken en je in het gareel te houden.

Pas als we herkennen welke (onware) beelden van God in onze denkgeest leven, kunnen we ons openen voor de waarheid over God. We zijn al helemaal goed, we hoeven alleen maar te kijken naar wat er in de weg staat om volledig in innerlijke vrede te zijn en om de liefde in de mind te laten stralen. Wat in de weg staat noemt de Cursus vergissingen, géén zonde.

“God neemt je waar je bent en heet jou welkom. Wat zou je meer kunnen wensen, wanneer dit alles is wat jij nodig hebt?” (H.26.4:10-11)

* Dus daar gaan we:
Vul de volgende zinnen 2 tot 3 keer aan tot ongeveer 5 regels.
Vroeger dacht ik dat God . . . . .
Nu weet ik . . . . .
Wat ik niet begrijp is . . . . .
Ik betwijfel . . . . .
Wat ik wel begrijp is . . . . .
Ik wil graag leren . . . . .
God is . . . . .
God is niet . . . . .
God is . . . . .

* Schrijf een elf om het geheel samen te vatten.

* Zie voor verdere uitwerking in KlaarHeden, de paragrafen ‘God’ en ‘Stilte’ uit hoofdstuk 6.

* Zie voor verdere studie het artikel God is Liefde en toch zijn we bang van Margot Krikhaar

Bedenk hierbij dat ‘Zoon van God’ een vakterm is en dit staat voor ons allemaal. Wij allen zijn één Zoon van God.
De Cursus heeft een mannelijk taalgebruik. Laat je er niet door afleiden of afschrikken, het gaat immers om de inhoud en niet om de vorm.

* Aanvulzinnen die je kunt gebruiken als je het artikel van Margot Krikhaar hebt gelezen.
Kies of gebruik ze allemaal, eventueel meerdere keren.

– Als ik dit artikel lees . . . . .
– Mijn beelden van God . . . . .
– Ik geloof niet . . . . .
– Ik geloof wel . . . . .
– Het idee van zonde . . . . .
– Het raakt me dat . . . . .
– Ik herinner me . . . . .
– Ik herinner me niet . . . . .
– Ik begrijp niet . . . . .
– Als ik het goed begrijp . . . . .
– Ik wil niet aannemen dat . . . . .
– Ik sta open voor . . . . .
– Ik ben dankbaar dat . . . . .
– Wat ik belangrijk vind . . . . .
– Het idee van een vreemde wil . . . . .
– Wat ik los wil laten . . . . .
– Ik voel weerstand tegen . . . . .
– Ik voel geen weerstand tegen . . . . .
– Het speelgoedje van mijn ‘eigen ding’ doen . . . . .
– Dit alles betekent voor mij . . . . .
– Ik ben bereid . . . . .