Het werk en het meisje

Waarschijnlijk een ongelooflijk ouderwetse uitspraak: ‘Het werk gaat voor het meisje’.
Als kind hoorde ik mijn vader dit vaak zeggen. Hij paste dit waarschijnlijk ook toe en het hield hem op de been. Mij gaf het een strak-moeten-gevoel. Veel later bedacht ik me dat ik het ‘meisje’ IN het werk wil brengen. Maar wat is het meisje eigenlijk? En het werk?

Deze zomer zal er voor velen vakantie zijn. Maar zelfs tijdens de vakantie moeten er dingen worden gedaan. Al is het maar boodschappen doen, iets aanvegen of iets (af)wassen.
Op de camping kan een afwasje doen in het gebouw dat hiervoor is gemaakt een welkome afwisseling zijn. Een moment van aandacht, verkoeling, contact, stilheid of juist rumoer.

Dus het is een kwestie van VORM en INHOUD – in de vorm zullen we moeten ‘doen’, zolang we in deze duale wereld lijken te leven – maar hoe zit het met de inhoud? Laten we ernaar kijken.
Het zal voor ieder net weer even anders zijn, verschillende accenten, maar ten diepste verwacht ik dat we allemaal op hetzelfde uitkomen.

Hoe is dat voor jou? De volgende schrijfoefening kan meer duidelijkheid geven.

Eerst ‘het meisje’

Lees de volgende vragen en mijmer dan 10 minuten schrijvend over wat het ‘meisje’ specifiek voor jou betekent.

Herinner je je dat je
– een keer zo lekker aan het werk was dat de tijd vloog?
– ergens tegenop zag maar dat het later erg meeviel?
– je zachte aandacht ergens gemakkelijk bij kon houden?
– geraakt werd door schoonheid?
– voelde dat iets echt gedaan moest worden, met aandacht en wel nu?
– hebt gemerkt dat je blij werd van opruimen of schoonmaken?
– hart warm en ruim aanvoelde bij het doen van iets of het maken van iets?
– ineens wist wat het betekent om je hart te volgen?
– samen werkte en dat het stroomde?
– in stilheid en zachtheid meer bereikte dan met tegenzin?
– eenvoudig je tegenzin opzij kon zetten?
– blij besloot die dag eens (een paar uur) niets te doen?
– onverwacht een inzicht kreeg nadat je om hulp had gevraagd aan je innerlijke Gids, wellicht al een tijdje geleden?
– een sfeer van zachtheid om je heen en in jezelf voelde?

Dan het werk
1* Maak een lijstje van 10 kleine en/of grote karwijtjes die je deze zomer wilt doen. Noteer de items onder elkaar met een paar regels ruimte ertussen voor de volgende opdracht.

2* Noteer bij elk item (in een andere kleur) in een paar trefwoorden hoe het voelt. Zie je ertegenop of niet? Waar doet het je aan denken? Doe je het alleen? Is er hulp noodzakelijk of gewenst? Wil je het aan iemand vertellen? Zijn er afspraken nodig? Wat zou het beste moment zijn? Hoeveel tijd verwacht je dat het van je vraagt?

3* Kies een karwij(tje). Zet dan de timer op 10 minuten en schrijf in een stuk door al mijmerend hoe je hier meer ‘meisje’ in kunt brengen.

4* Rond af met een rondeel.

Rondeel.
Bij deze dichtvorm hoef je geen woorden of lettergrepen te tellen. Dat is vrij.
Het rondeel bestaat uit 8 regels waarin regel 1 en 2 in hun geheel worden herhaald. Het schema is: 1=1, 2=2, 3=3, 4=1, 5=5, 6=6, 7=2, 8=1.
Het werkt fijn om eerst de regelnummers te noteren en de herhalingen direct in het gedicht te schrijven, zodat nieuwe regels er tussendoor kunnen worden gevlochten.
De herhalingen maken het tot een krachtig gedicht.